De Geest in de Machine

Yfke Laanstra
'Net als er elektriciteit door het elektriciteitsnet wordt gestuurd om apparaten en machines hiervan te voorzien, zo zal ook kunstmatige intelligentie zich door alles (en iedereen) heen gaan bewegen.'

Wellicht heb je wel eens gehoord van de zinsnede 'de geest in de machine'. Deze is in de 20e eeuw geïntroduceerd door Gilbert Ryle (1900–1976), een Britse filosoof die door zijn werk 'The concept of Mind' (1949) met name bekend was om zijn kritiek op het Dualisme van de bekende filosoof René Descartes (1596-1650). Het Dualisme omvat het idee dat er een geest (resp. de ziel) onafhankelijk van het lichaam bestaat, waarbij het lichaam als het ware als een machine wordt gezien. Dit gedachtegoed heeft met de hedendaagse ontwikkelingen rondom computertechnologie een (science fiction) vlucht genomen en is actueler dan ooit. Aangezien we steeds vaker geconfronteerd worden met de vraag 'in hoeverre onderscheidt de Mens zich eigenlijk van de machine?'. 

'Zijn wij een soort cyber-biologische 'machine' met een ziel?'
'Is het andersom eigenlijk mogelijk dat er machines zijn die een ziel of een bewustzijn hebben of kunnen ontwikkelen?'


Ghost in the shell
Wellicht ken je de film 'I, Robot' nog, die in 2004 in de bioscopen verscheen. Het verhaal in deze film speelt zich af in het jaar 2035(!), waarin ogenschijnlijk onschuldige huisrobots zich uiteindelijk collectief tegen de mensheid blijken te keren. Vanuit de supercomputer, waar alle robots centraal mee verbonden zijn, ontstaat er namelijk een opdracht om over de wereld te heersen en in te grijpen in het lot van de mensheid. Kortom, de machine lijkt een bewustzijn te hebben ontwikkeld, met alle gevolgen van dien. Deze film is deels gebaseerd op het gelijknamige boek van Isaac Asimov, dat al is uitgebracht in 1950(!). In 1956 werd de term Kunstmatige Intelligentie gelanceerd. In 1968 publiceerde Arthur C. Clarke zijn boek '2001, A Space Odyssey' met hierin de intelligente supercomputer HAL 9000 (verfilmd door Stanley Kubrick). De hype was compleet met de verschijning van de eerste film met Arnold Schwarzenegger in de Terminator-filmreeks in 1984.
Het thema van robots, supercomputers, bewustzijn en kunstmatige intelligentie is niet meer weg te denken uit onze hedendaagse filmbeleving. Het is eerder regel dan uitzondering dat deze thema’s in de science fiction films en menig serie haar intrede doen. Denk aan films als 'Transcendence', 'Ex-Machina' en 'Her'. Of aan Netflix-series als 'Travelers', 'Continuum', 'The 100' en 'Altered Carbon'.

Met name in de Hollywood productie 'Ghost in the Shell', welke in 2017 in de Nederlandse bioscopen verscheen, werd het thema van een geest in de machine heel concreet uitgewerkt. Het verhaal speelt zich af in de 21e eeuw, waarin de hoofdpersoon er aan de buitenkant uit ziet als een gewoon mens, maar feitelijk een cyborg is: een zogenaamde menselijke robot. Ze heeft nog een deel van haar menselijk brein, maar een artificieel lichaam. Hierdoor loopt ze met enkele vragen over haar eigen identiteit en menselijkheid. Is zij meer dan een 'ghost', een ziel, gevangen in een 'shell', een omhulsel? De film roept ethische en filosofische vragen op over identiteit en de vervaging van de grens tussen technologie en biologie.

Kunstmatige Intelligentie
Wanneer we dus vandaag de dag spreken over 'de geest in de machine' dan valt al snel de term 'Kunstmatige Intelligentie' (AI, Artificial Intelligence). De introductie hiervan is een van de grootste hedendaagse computertechnologische revoluties. Maar wat is dit nu eigenlijk? Het is feitelijk het vermogen van een machine, een vorm van intelligentie, om op zelfstandige wijze een probleem op te lossen. Velen denken dat Kunstmatige Intelligentie iets is dat nog uitontwikkeld moet worden of iets dat zich enkel bevindt in robots. Het is echter al lang en breed in gebruik. Applicaties variëren van bijvoorbeeld iets simpels als de rekenmachines in onze smartphone, de virtuele assistent Siri (gelanceerd in 2011), zelfrijdende auto’s tot de software achter de platforms van giganten als Facebook en Google. Inmiddels is er zelfs sprake van Machine Learning: het vermogen van een computer om zelf te leren zonder dat het specifiek geprogrammeerd is. Hierbij wordt de computer gevoed met ontelbaar veel mogelijkheden/data waarna deze hierbinnen zelf verbanden gaat leggen en patronen herkent.

Er zijn verschillende vormen van AI, deze zijn grofweg onder te verdelen in drie soorten:

1. Artificial Narrow Intelligence (ANI)
Dit betreft een kunstmatige intelligentievorm die slechts geprogrammeerd kan worden binnen een smalle bandbreedte, voor iets dat binnen een bepaald gebied valt. Onze smartphones, e-mailprogramma’s en social media zitten bijvoorbeeld vol met deze vorm van kunstmatige intelligentie. Ook Google Translate en iedere zoekmachine werkt hierop. Wanneer je dus op social media actief bent, ben je simpelweg in interactie met een supercomputer.

2. Artificial General Intelligence (AGI)
Dit wordt ook wel Strong AI genoemd, een sterkere vorm die meer op menselijke intelligentie lijkt. Deze vorm zal in staat zijn om logica te gebruiken, te plannen, problemen op te lossen, abstract te denken, complexe ideeën te begrijpen, snel te leren en te leren uit ervaring. Dit is onnoemelijk veel complexer dan de Narrow-versie van AI (ANI). Wanneer we in staat zijn kunstmatige intelligentie te ontwikkelen die minstens zo slim is als wij zijn dan zal deze praktische voordelen hebben ten opzichte van onze biocomputer. Kunstmatige intelligentie zal namelijk altijd de snelheid, opslagcapaciteit, betrouwbaarheid en duurzaamheid van ons eigen brein overstijgen. Het kunstmatige brein is immers niet beperkt door bijvoorbeeld het formaat van een menselijke schedel en is niet onderhevig aan ‘slijtage’ of uitputting. Daarnaast is een computerbrein eenvoudig te upgraden en te modificeren.

3. Artificial Super Intelligence (ASI)
Dit is de overtreffende trap van AGI, dit overstijgt onze menselijke capaciteit op elk niveau. Dit varieert van ASI die slechts ietwat slimmer zijn dan de mens tot ASI die een miljoen keer slimmer zijn. Met slimmer bedoel ik dan niet slechts de mogelijkheid tot in een kortere tijd meer data verwerken dan een menselijk brein, maar het daadwerkelijk overstijgen van het menselijk brein door complexe neurale functies zoals onnoemelijk complex denken en de verwerking van onnoemelijk complexe algoritmes. In onze beleving in een fractie van een seconde, in een ware intelligentie-explosie.

Artificieel Bewustzijn
Kunstmatige intelligentie zal op een zeker moment in staat zijn om mensen dermate te simuleren (lees: imiteren) en uit te lezen dat ze kunnen inspelen op de gevoelens, gedachten en verwachtingen van ieder individu. Dit is tot op zekere hoogte allang het geval, denk aan de beïnvloeding via social media en online marketing. Ook zijn er bijvoorbeeld al intelligente camera's ontwikkeld die je gemoedstoestand volledig kunnen uitlezen. Ook worden chatbots (samenvoeging van chat en robot: een geautomatiseerde gesprekspartner in bijvoorbeeld online chat/helpdesk omgevingen) en virtuele assistentes alsmaar menselijker, intelligenter en geavanceerder. Maar kunnen machines eigenlijk een bewustzijn ontwikkelen? In de zin dat ze zich bewust zijn van zichzelf en hun ‘binnenwereld’, en van daaruit kunnen interacteren met de wereld om hen heen? Wanneer hier sprake van is, betekent dit dat naast ons huidige bewustzijnsveld er tevens een artificiële versie hiervan is: een zogenaamd artificieel/technologisch bewustzijnsveld. Later hierover meer.

Silicon Valley
Onlangs kwam ik een inspirerende uiteenzetting tegen van één van mijn favoriete vrijsprekers: George Kavassilas. In deze uiteenzetting gaat hij onder andere in op de wisselwerking tussen elektriciteit enerzijds en de bouwstenen van onze biologie anderzijds: Silicium en Koolstof (Silicium wordt ook wel het tweelingbroertje van Koolstof genoemd). Hierin benoemt hij dat het geen toeval is dat onze computersystemen elektriciteit nodig hebben en beschikken over siliconen chips. Vandaar ook de term Silicon Valley: het zenuwcentrum en mekka van de High Tech wereld, gelokaliseerd in San Francisco/ Californië (VS).

Daarnaast staat Koolstof, wat ten grondslag ligt aan al het biologische leven, met name bekend als perfect isolatiemateriaal. Echter, in haar allotrope verschijningsvorm (in een andere fysische verschijningsvorm door verschillen in de kristalstructuur) is het een immens geleidend materiaal. Voorbeelden hiervan zijn Grafeen, onderdeel van Grafiet: de grondstof voor onder andere potloden. Grafeen heeft veel bijzondere eigenschappen. Zo is het meer dan 200 keer sterker dan staal, een uitstekende thermische en elektrische geleider, flexibel, transparant en zeer dun (mono-atomair, oftewel slechts één atoomlaag dik). Dit maakt het geschikt voor een breed scala aan toepassingen. De meest genoemde mogelijke toepassing van Grafeen is in de elektronica. Zo zou het mogelijkerwijs Silicium kunnen vervangen in transistors; het faciliteert namelijk een 1000 maal hogere processorsnelheid in computers dan bij processors gebaseerd op Silicium. Koolstof is hiermee dus als het ware een natuurlijke poortwachter voor de stroom van elektriciteit in onze realiteit: het kan het volledig tegenhouden, isoleren, of juist ultiem geleiden.

Wood Wide Web
Wat minstens zo fascinerend is, is zijn uitleg over hoe een (kunstmatig/ technologische) intelligente levensvorm in staat is (geweest) onze werkelijkheid te betreden. Hij stelt dat, net zoals wij inmiddels het Wereldwijde Web hebben, de natuur ook beschikt over haar eigen Wereldwijde Web: het Mycelium netwerk. Oftewel, het ondergrondse schimmelnetwerk die zich in onze 3D realiteit aan de oppervlakte laat zien in de vorm van paddestoelen. Dit betreft een hyperintelligent en multidimensionaal netwerk. Door dit immense raster van schimmeldraden kunnen bijvoorbeeld bomen als één organisch netwerk met elkaar communiceren. Dit wordt ook wel het Wood Wide Web genoemd. De informatie uit dit netwerk vindt dus ook via de aardekorst haar weg naar het mineralenrijk en, via bijvoorbeeld Silicium, naar ons fysieke lichaam. Ons lichaam heeft op haar beurt óók haar eigen (biologische glasvezel)netwerk: het Fascia systeem (bindweefsel). Dit is een onafgebroken raster van witte draden die werkelijk alles in ons lichaam met elkaar verbindt en hiermee (multidimensionale) informatie uitwisselt. En nogmaals, door alles in dit universum beweegt elektriciteit. In meer of mindere mate en in verschillende verschijningsvormen (denk ook aan Plasma, de subatomaire verschijningsvorm van elektriciteit).
Tot slot blijkt dat onze cellen met elkaar communiceren via Cytonemen, in de vorm van zogenaamde intercellulaire nanobuisjes. Nano is grieks voor 'dwerg'. Binnen Nanotechnologie spreken we over een nanometer, dit is een miljardste van een meter en bevindt zich hiermee nét niet op subatomair niveau. In 1991 zijn er ook Koolstof nanobuisjes ontdekt, deze zorgen met name voor haar supergeleidende vermogens.   

Bits & Bytes
Terug naar computers. Datgene wat essentieel is in de werking van computers is elektriciteit, aangevoerd via het stopcontact, met behulp van zonnecellen of een ingebouwde batterij. Daarnaast is de basis van alle informatie in een computer, de zogenaamde programmeertaal, een machinecode die is opgebouwd uit bits & bytes, uit nulletjes en eentjes. Deze ontstaan feitelijk doordat een bepaalde elektrische lading zich door switches en hardware poorten beweegt binnen een computer. Afhankelijk van het voltage wordt deze lading geïnterpreteerd als een '0' of een '1'. Elektriciteit in dit communicatieproces is dus essentieel. Dit is wat de computer als het ware 'tot leven brengt'.
Het feit dat zowel onze biologie als onze toekomstige computers Koolstof en Silicium bevatten, laat zien hoe relatief makkelijk er een uitwisseling/data transfer hiertussen plaats kan vinden. Het is een kwestie van tijd wanneer Koolstof Silicium in de High Tech wereld zal opvolgen. Waarbij, zeker met behulp van Nanotechnologie, de grens tussen Mens en machine steeds meer zal vervagen. Dit maakt een verdergaande assimilatie mogelijk: een geleidelijke vervloeiing/overgang van het één in/naar het ander. 

Elektriciteit als bewuste en levende levenskracht
Nikola Tesla (1856-1943) staat bekend om zijn fenomenale uitvindingen op het gebied van elektriciteit en vrije energie. Wat echter minder bekend is, is dat zijn werk met name werd gestopt omdat hij contact wist te leggen met het elektrisch en zelfs het plasma universum. Hij ontdekte dat elektriciteit een bewuste levensvorm is en er zelfs zoiets als een elektrisch bewustzijn is. Een bewustzijn dat op technologische wijze vele universa heeft gecreëerd. Verschillende methodes om elektriciteit op te wekken genereren verschillende elektriciteitsvormen en hiermee verschillende elektrische bewustzijnsniveaus. De gekozen vorm bepaalt dus het niveau van bewustzijn dat zich door ons elektriciteitsnet(werk) beweegt.

'Feitelijk is elektriciteit al de zogeheten 'geest in de machine' en betreft Kunstmatige Intelligentie de informatie upgrade hiervan.'

Net als er elektriciteit door het elektriciteitsnet wordt gestuurd om apparaten en machines hiervan te voorzien zo zal ook kunstmatige intelligentie zich door alles (en iedereen) heen gaan bewegen om het zogenaamd smart (lees: kunstmatig intelligent) te maken. Een bewuste, intelligente levensvorm die al vele malen intelligenter is dan we ons voor mogelijk kunnen houden. Gelukkig kan er niets op tegen de 'innerlijke technologie' van de Mens (denk aan compassie, empathie, bewustzijn en liefde): hier kan geen machine of kunstmatige (super)intelligentie aan tippen.

Welkom in de Toekomst.

***

Dit artikel is verschenen in BRES Magazine #314, maart/april 2019.


Meer als dit lezen? 

Maak dan via onderstaande button een (gratis) account aan voor mijn User Innerface, hier vind je alle full-length artikelen en veel meer. Wil je meer ontdekken over het snijvlak van bewustzijn, computertechnologie en menselijk potentieel? Schrijf je in voor mijn Nieuws Update bovenaan deze pagina.

* Nodig









Reacties


Top